Vaderschapsoverpeinzingen april 2000

Vader Worden Is Een Gunst. Vader Zijn Een Hele Kunst. Deze wijze spreuk staat op een tegeltje dat al zo lang ik mij kan herinneren bij mijn ouders in het kleinste kamertje hangt. Dertig jaar lang heb ik tegen deze tien woordjes aangezeken… ehhh aangekeken, zonder dat de ware betekenis ervan ooit tot me is doorgedrongen. Persoonlijk vond ik de spreuk “Het Fijnst Geslepen Glas Verlicht Het Zwakst Gezicht, Maar Hier Wordt Door De Bril Een Blinde Zelfs Verlicht,” altijd een stuk interessanter. Twee prachtige Alexandrijnen, zo compact en krachtig dat zelfs de kleine boodschapper nog volledig poëtisch bevredigd het toilet verlaat. Maar goed, ik dwaal af. Vaderwordeniseengunst vaderzijneenhelekunst, daar hadden we het over.  

Ondertussen begin ik de werkelijke inhoud van deze wijsheid een beetje te doorgronden. Het is inderdaad een gunst dat ik inmiddels de trotse vader ben van een wolk van een Rosa. Zaten Judith en ik vorig jaar april nog in de auto bij de McDrive een Mac Deluxe te verorberen en namen we het besluit om de natuur niet langer tegen te houden met een dagelijks pilletje, nu is het een jaar later en hebben wij een nieuwe Wereld-burger in ons midden en is Mc Donald’s weer een Happy Mealklant rijker. We hoefden er niets extra’s voor te doen, we kregen haar zomaar in, of liever gezegd uit de schoot geworpen. Een gunst, dat was het dus zeker. 

De afgelopen weken werd het tweede gedeelte van het tegeltje mij ook steeds duidelijker. Vader zijn is niet zomaar wat. Het is een hele verantwoordelijkheid, en ik besefte dat ik een aantal dingen in mijn leven drastisch moest gaan veranderen. Een vader wil dat zijn dochter zich niet voor hem schaamt en zelfs trots op hem is, maar daar moet je natuurlijk wel wat voor doen. Het leek mij een goed begin om na te gaan aan welke dingen ik me bij mijn eigen vader irriteerde, zodat ik me voor diezelfde fouten kon behoeden.

Het eerste wat me te binnenschoot, waren de boeren en scheten die mijn vader thuis altijd de vrije loop liet. Ik werd er helemaal gek van dat die man dat schaamteloos in gezelschap kon doen. Maar ondertussen woon ik alweer een tijdje op mezelf, en ik moet toegeven dat ik in de loop der jaren die gewoonte van mijn vader in mijn eigen huis ben gaan praktiseren. De vrouwelijke bewoonster van mijn huis heeft hier altijd zwaar tegen geprotesteerd, maar dat ervoer ik als een aanval op mijn mannelijkheid en mijn mannelijke ego antwoordde haar dan: “Een beetje vent laat in zijn eigen huis een scheet wanneer hij dat zelf wil, begrepen?!” 

Maar in het gezelschap van mijn eigen dochter kan ik dat natuurlijk niet meer doen. Dan gaat het niet meer om de strijd tussen man en vrouw, maar om een dochter die op moet kijken tegen haar vader. Daarom heb ik in de maanden voor Rosa’s geboorte al flink zitten oefenen om deze neigingen te onderdrukken, en dat is me aardig gelukt. En wat blijkt nu? Rosa ruft en boert zèlf de hele dag het hele huis bij elkaar! En bovendien krijgt ze nog complimentjes ook van de visite als ze een boertje laat! Ik kan dus ook alle remmen weer losgooien en ik verwacht dat Rosa binnen een half jaar haar vader trots zal maken omdat ze dan net als hij het hele alfabet en het Wilhelmus zal kunnen boeren. 

Een ander probleem is het vasthouden van Rosa. Op zich is dat natuurlijk hartstikke leuk en gezellig, en minimaal twee uur lichamelijk contact met de vader schijnt goed te zijn voor de ontwikkeling van een dochter, dus het is ook nog nuttig, maar pappie wil nu eenmaal ook graag computeren in zijn vrije tijd, en dat wordt lastig als je je handen vol hebt aan je dochter. Ik ben van nature een probleemoplosser, en zodoende had ik na een week of twee een methode ontwikkeld waarbij ik, met behulp van verstelbare armleuningen, een voetenbankje en een dikke winterwollen trui, erin slaagde om één hand vrij te houden als ik met Rosa achter de computer zat. Op deze manier kon ik flink wat spelletjes spelen waarbij je alleen een muishand nodig hebt.

Zo kon ik alweer twee dingen tegelijk doen, en dat bespaarde deze vader een hoop tijd. Oefening baart kunst (nog zo’n mooie tegelspreuk die op het toilet niet zou misstaan) en onlangs ben ik erin geslaagd om én lichamelijk contact met mijn oogappeltje te hebben, én met twee handen vrij achter mijn grote elektronische vriend te zitten. En iedereen weet, met twee vrije handen, een computer en een kabelinternetabonnement, ligt de hele wereld voor je open.   

Zo zie je maar, vader zijn is een hele kunst, maar als je die kunst meester bent zoals Meester Weel, dan is er geen kunst aan.


Maurice Weel

Op naar de volgende overpeinzing
Terug naar de vorige overpeinzing