Herfstoverpeinzingen
november 2006

Wanneer je achternaam Weel is, weet je weliswaar wat wachten is, maar wachten went nooit. Als in de klas de cijfers werden opgelezen, werd ik altijd pas als laatste uit mijn lijden verlost. Als Sinterklaas op school of bij vaders werk langskwam, speelden de Andersonnetjes en Captijntjes al uren met hun Playmobil en treintjes en hadden de Brouwertjes hun soldaatje-met-parachute alláng gesloopt voordat ik eindelijk bij die beste Sint aan de beurt was.

Over de goedheiligman gesproken: wachten tot de volgende ochtend nadat je je schoen had gezet, was ook altijd een marteling. Wat was ik jaloers op een vriendje die ‘s nachts naar de wc moest en Sinterklaas en Zwarte Piet betrapte toen ze nét iets in zijn schoen aan het stoppen waren. En wat viel die gozer genadeloos door de mand toen ik 6 jaar later “het Sinterklaasgesprek” met mijn ouders had gevoerd! En dan het wachten op de volgende aflevering van je favoriete serie: Love Boat, Family Ties of de Freggels. Een he-le week! En de maand december leek door het aftellen naar Kerstmis altijd wel tíen weken te duren.

Een aantal van die wachtproblemen van vroeger is in de loop der tijd opgelost. In de klas ben ík tegenwoordig degene die de cijfers (at random, van laag naar hoog, maar uit medeleven voor de Wessels, Widens, Zeulevoeten, Zoons en Zuidams liefst níet alfabetisch) opleest, Sinterklaas dumpt een mandvol willekeurig gestapelde cadeautjes voor mijn voordeur, televisieseries download ik met seizoenen tegelijk, zodat ik weken achter elkaar elke dag zoveel afleveringen van Alias, Buffy, Gilmore Girls, Lost en Winx Club kan bekijken als ik zélf wil, en gelukkig kunnen we tegenwoordig al in september pepernoten en kerstballen kopen, dus daarmee is het grote “Decemberwachten” ook weer opgelost.

Toch zijn er, als de koppen van de hydra, voor elk opgelost probleem weer twee nieuwe bijgekomen, en om daar een klein voorbeeldje van te geven, zal ik jullie vertellen over mijn herfstvakantie. We gingen een paar dagen naar Parijs en Disneyland.

Het begon natuurlijk allemaal voor we vertrokken. Ik had de auto al gestart en de motor was al lekker aan het warmdraaien toen ik het huis weer ingestuurd werd om alle stekkers uit de stopcontacten te trekken, te controleren of de achterdeur wel op slot was, het koffiezetapparaat wel uitstond en het gasfornuis niet aanstond. En we koken al jaren elektrisch!

Toen kwam het grote wachten op de snelweg, beter bekend onder de naam file. We waren al een paar jaar niet meer met de auto op vakantie gegaan, dus het was een grote schok om te ontdekken dat heel Europa één grote file is geworden. Aansluiten bij Amsterdam en dan in polonaise naar Parijs. Over de rechterrijbaan heersen de vrachtwagens, daar durft geen personenwagen zich meer te wagen. Maar af en toe krijgt zo’n Henk Wijngaard hoogmoedswaanzin en gaat hij zijn voorganger proberen in te halen. Met één hele kilometer per uur snelheidsverschil! Zo’n manoeuvre duurt dus ongeveer een kwartier en daar moet het hele Europese vasteland van Kopenhagen tot Marseille dan op wachten!

Eindelijk in Parijs was het tussen alle hoge gebouwen regelmatig wachten op herstel van de verbroken satellietverbinding voor onze TomTom, want zonder ben ik helemaal nergens meer. Helaas is het ding dan wel een paar tellen de kluts kwijt, dus zo stuurde hij me regelrecht een parkeergarage in. Meteen er weer uit, maar de totale “parkeerkosten” waren evengoed één euro vijftig! Ik heb die “tuthola” (we gebruiken een vrouwenstem voor onze TomTom) heel wat keren vervloekt die week.

In het hotel hadden we één kamer voor het hele gezin. Het was dus ’s avonds wachten tot de kinderen eindelijk in slaap waren gevallen voor we aan onze eigen lol konden beginnen: champagne open, paar glazen drinken en dan “train your brain”op de DS spelen. De streefleeftijd voor je hersenen is volgens dr. Kawashima 20 jaar, maar na een glaasje of twee was de mijne helaas al 83!

In Disneyland bereidden we ons voor op een dagje wachten in het kwadraat. Gelukkig vond Mink zelfs de halloween-parade al veel en veel te eng, dus we konden flink wat topattracties meteen doorstrepen. Het treintje om het hele park was niet al te eng en de rij leek me niet al te lang, maar op de een of andere manier hebben ze in Disneyland een heel vernuftig systeem waardoor je pas echt ziet hoe lang de rij is als je er al een half uur in staat en er geen weg terug meer is. We hebben langer op die trein daar staan wachten dan op een gemiddelde trein in Nederland!

We hadden met Rosa en Mink vanaf dat moment afgesproken dat rijen langer dan een half uur taboe waren, en daar waren ze het wel mee eens. Pas toen kwam ik achter het geweldige “fast pass”-systeem van Disneyland. Waarom had niemand me dat eerder verteld? Je kunt gewoon een ‘’nummertje” trekken, net als bij de bakker of het postkantoor en dan staat daar een tijd op wanneer je lángs de rij zo naar binnen mag! Mochten jullie daar ook niet van weten, knoop dit dan in je oren: Ga ’s ochtends eerst een rondje langs alle hoofdattracties, haal overal een fast pass en begin dan je bezoekje weer van voren af aan. Je beseft het nu misschien nog niet, maar eens zullen jullie me nog dankbaar zijn voor deze tip.

Toen we weer thuis waren, wilde ik meteen als aandenken een filmpje over Disneyland downloaden, en dat was natuurlijk weer wachten geblazen. Als elke Nederlander nu de tijd van zijn leven die hij besteedde aan het kijken naar voortgangsmeters op de computer aan mij zou willen afdragen, zou ik absoluut onsterfelijk zijn!

Inmiddels is de vakantie weer achter de rug en is het normale dagelijkse wachten weer begonnen:  op je beurt bij de kassa in de AH,  op de “wachtenden voor u’ bij de klantenservice van Tele2, op Mink die de wc uren bezet houdt, op het water uit de kraan tot dat eindelijk eens lekker warm wordt, op die laatste slowpoke in de klas die zijn tas altijd te laat begint in te pakken zodat er weer kostbare minuten van je koffiepauze verloren gaan, en natuurlijk … op de kerstvakantie!


Maurice Weel

Terug naar de vorige overpeinzing